Soms is het goed om pas iets te vertellen als het achter de rug is.

Voor mij is het Dijklander Ziekenhuis locatie Hoorn o zo bekend terrein. Vandaag ben ik er weer. Ik zit in een wachtruimte op één van de groene banken en voel de zachtheid van het kussen. Ik kijk om me heen. Ik zie veel personen en hoor ze praten. ‘Het is druk,’ hoor ik een oudere man zeggen. Ik merk dat ik in gedachten direct reageer met de woorden ‘Ja, helaas wel, dat is geen goed teken.’ Ik kijk door de lange gang die grenst aan de ruimte met de groene banken. Mijn oog valt op het bordje “radiologie en nucleaire geneeskunde” en ik voel een golf van emoties in mijn lijf. Ik zit er voor een controle van een knobbeltje en in gedachten ga ik terug naar 11 jaar geleden.

Sommige periodes is het elke dag dezelfde routine: dan ga ik met de ambulance naar dit ziekenhuis om chemo’s op te halen. Niet voor mij maar voor mijn man. We zijn begin 30, smoorverliefd en samen hebben we een baby van nog geen halfjaar oud. Mijn man heeft uitgezaaide alvleesklierkanker. De ambulance brengt ons naar dit ziekenhuis, ik duw samen met de ambulancebroeder zijn bed voort door deze lange gang. Elke keer langs dat bordje “radiologie en nucleaire geneeskunde”… wachtend op dezelfde groene banken, voor de chemotherapie, een mri-scan of een ander onderzoek. Het is een tijd van overleven, een tijd tussen hoop en vrees. De vrees won het van de hoop. Toen, 11 jaar geleden.

Na al die jaren blijf ik een oncomfortabel gevoel houden bij deze gang en de groene banken. Ondanks dat de pijn en het verdriet na zoveel jaren zachter zijn geworden. Vandaag was dit heftige gevoel er eventjes weer in volle omvang, ook al kreeg ik zelf het goede nieuws dat het knobbeltje niets gevaarlijks bleek te zijn. Is dit erg na 11 jaar? Nee, dat is niet erg. Dit is alleen maar goed, zo ervaar ik. Emoties mogen er zijn. Waar en wanneer dan ook.

Als ik verdriet of pijn voel, dan laat ik het eruit. Ik stop het niet weg en vertel aan iemand die een luisterend oor aanbiedt, dit keer de assistent van de radioloog, wat ik voel en wat het met me doet. Feitelijk neem ik haar mee in wat er van binnen bij mij, in mijn lijf, gebeurt. ‘Dat is logisch toch. Ga zitten, vertel’. Als ik het ziekenhuis verlaat veeg ik de tranen weg en denk: ‘Zo, heerlijk, deze emotie is er weer lekker uit.’ Je emoties uiten lucht op, zo voelde ik vandaag letterlijk de ruimte in de bovenkant van mijn lijf, het gebied rondom mijn hart, opengaan.

Rouw gaat nooit over, maar je maakt het jezelf makkelijker door jouw emoties te delen met anderen zodra je ze heftig voelt. Zoek de verbinding met iemand, als je je gezien en gehoord voelt lucht dat op.